 |
knip alle patroondelen volgens de kniplijst met naadtoeslag uit de stof. |
 |
trek de patroontekens over op de stof. |
 |
let bij het knippen van de asymmetrische voorpanden goed op. |
 |
speld de zakdelen en de capuchonrand met de goede kanten op elkaar en stik ze rondom. Laat een stukje open om te keren, knip de naadtoeslagen korter en de hoeken schuin weg. |
 |
stik de capuchondelen met de goede kanten op elkaar langs de achternaad. Vouw de strook voor het mouwboordje in de lengte dubbel en stik de lange kant. Keer de boordjes zodat de naad binnen ligt. |
 |
Keer de capuchon en de capuchonrand.
Stik de capuchonachternaad door.
Stik de capuchonrand door.
Stik de zakklep aan de ronde kant door.
Stik de plooi in het borstzakje, let daarbij op de patroontekens. Stik de zakingang door en sluit daarbij de keeropening.
het kleine zakje wordt later naar voren omgevouwen, stik daarom deze omschlag alvast door.
stik bij de grote buikzak de zakingangen door.
|
 |
Stik het borstzakje en de klep volgens de patroontekens op het voorpand. Verstevig naar wens de hoeken met trensjes.
Stik het kleine zakje tot aan de vouw op de grote buikzak. Vouw het aan de bovenkant naar beneden en zet de omschlag met kleine trensjes vast.
Speld de buikzak op het voorpand. Middenvoor van de jas valt op het middenvoorteken van de buikzak. De ene schuine kant loopt 2cm plus naadtoeslag langs de kant waar de rits komt. Stik de zak vast en verstevig de zakingangen met trensjes. |
 |
Sluit de schoudernaden en stik ze aan de goede kant door. |
 |
zet de mouwen in de armsgaten en let daarbij op de patroontekens. |
 |
Sluit de mouw- en zijnaden in één keer. |
 |
stik de capuchon aan de hals, begin middenachter en stik van daaruit naar voren. De voorkanten van de capuchon eindigen op de aangegeven plaats op het patroon.
|
 |
Strijk vlieseline of naadband aan de binnenkant van de schuine voorpanden.
Speld de rits op het voorpand, goede kanten op elkaar. De tandjes liggen op de goede jaskant.
Stik de rits met een ritsvoetje vast en stel de naald in de juiste positie. Let er heel goed op dat de schuine randen niet worden uitgerekt. |
 |
Vouw de jas met de goede kanten op elkaar en speld de rits aan het andere voorpand. Kijk even na of de rits goed zit. Doe de rits open en stik de tweede kant in dezelfde richting vast als de eerste ritskant. |
 |
Maak de voeringjas net als de buitenkant alleen zonder rits en zakken.
Bij het vaststikken van de capuchon kan een stukje band middenachter als ophanglusje worden meegestikt.
|
 |
Speld de buitenkant met de goede kanten op elkaar op de voering. de hoeken en naden vallen precies op elkaar. |
 |
Stik de jassen rondom op elkaar. Stik bij de rits een millimeter naast de vorige naad, dan is de eerste naad straks niet meer te zien. Laat aan de capuchonvoorrand een stuk van ca. 15 cm open om de jas te keren. |
 |
knip de naadtoeslagen korter, de hoeken schuin weg en keer de jas. |
 |
mouwboordjes:
- simpele manier: stik de mouwzomen van de buitenkant en de voering op elkaar. Zet het boordje hier uitgerekt aan. Werk de drie stoflagen samen af.
- ingewikkelde manier: trek de mouwzoom van voering en de buitenste jas door de keeropening naar buiten en speld daar het boordje tussenuit.
|
 |
Stik de jas rondom dubbel door en sluit daarbij de keeropening.
Speld de capuchonsluitlus op de brede jaskant. Stik hem vast en verstevig hem tegen uitschuren met een trensje.
|
 |
Maak een knoopsgat aan de andere kant van de sluitlus. Of sla een drukker in. |
 |
KLAAR! |