Knip alle patroondelen met naadtoeslag uit de stof.
Leg 2 keer de voorpanden met de goede kanten op elkaar op de achterpanden en sluit de schoudernaden.
Bij gebruik van dunne stof de plaats waar knopen en knoopsgaten komen met vlieseline verstevigen.
Speld de pas en belegpas met de goede kanten op elkaar.
Stik de armsgaten en de hals met voorpandranden op elkaar. Knip de naadtoeslag korter en de hoeken schuin af.
Sluit de zijnaden van beide passen doorlopend aan elkaar.
Draai de pas naar de goede kant en stik de hals met voorranden en de armsgaten door. Stik aan de onderkant de twee passen op de naadtoeslag op elkaar.
Strijk de zijkanten van het rokpand naar binnen. Vouw nog een keer bij de breuklijn (=Umbruch) naar binnen en strijk de vouw plat.
Neem van het patroonblad de tekens voor de plooien over op de stof en speld de plooien. Steek bovenaan de spelden verticaal in de plooi en verder naar benende over dwars, dus horizontaal, dan blijven de plooien goed zitten.
Stik de plooien 1 voor 1 met een siernaad in de lengte door of stik ze langs de bovenrand op de naadtoeslag vast.
Zoom de onderkant en stik gelijk de overslagkanten door.
Stik de pas volgens de tekens aan het rokpand. Vouw de naad naar boven en stik hem op de pas door.
Strijk de plooi in de zak. Strijk de naadtoeslag van het beleg naar binnen, leg het beleg op de bovenkant van de zak en stik hem aan de boven- en zijkanten vast.Knip de hoeken schuin weg.
Vouw het beleg naar binnen. Strijk de overige naadtoeslagen van de zak naar binnen en stik de bovenkant van de zak door.
Speld de zak op de tuniek en stik hem vast. Verstevig de zakingangen met trensjes.